direct naar inhoud van Artikel 3 Maatschappelijk
Plan: Ommel komgebied, wijziging Kluisstraat 19 e.o. (MFA)
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0743.BPW2012001-VS01

Artikel 3 Maatschappelijk

3.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. religieuze, educatieve, sociale-, -culturele-, verzorgende, sportieve en overheidsdoeleinden;
  • b. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding;
  • c. en de daarbij behorende voorzieningen.

Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de dubbelbestemmingen en aanduidingen, zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtname van de voorrangsregels uit artikel 11.2.

3.2 Bouwregels
3.2.1 Algemeen

Op de voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden mogen uitsluitend worden gebouwd:

  • a. gebouwen ten behoeve van de in artikel 3.1 genoemde doeleinden;
  • b. bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
3.2.2 Regels ter plaatse van het bouwvlak
  • a. Gebouwen dienen in het bouwvlak te worden opgericht.
  • b. Het bouwvlak mag geheel worden bebouwd.
  • c. De goothoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan 3,50 meter.
  • d. De bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan 7,50 meter, met dien verstande dat de bouwhoogte ter plaatse van de naar de weg gekeerde gevel niet meer mag bedragen dan 3,5 meter.
3.2.3 Overige regels met betrekking tot bebouwing
  • a. Binnen het bestemmingsvlak mag de oppervlakte aan bijgebouwen en overkappingen buiten het bouwvlak maximaal 100 m² bedragen.
  • b. Bijgebouwen en overkappingen dienen minimaal 1,00 meter achter de naar de weg gekeerde bouwgrens te worden gebouwd;
  • c. De bouwhoogte van bijgebouwen en overkappingen mag niet meer dan 3,25 meter bedragen;
  • d. Binnen het bestemmingsvlak mag de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 3,25 meter bedragen, met uitzondering van erfafscheidingen waarvan de hoogte niet meer dan 1,00 meter mag bedragen.
3.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen, nadere eisen stellen conform het bepaalde in artikel 6.3.

3.4 Afwijken van de bouwregels
3.4.1 Afwijking voor kunstwerken, kunstobjecten, speelvoorzieningen en vlaggenmasten

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels met betrekking tot de bebouwing ten behoeve van de oprichting van kunstwerken, kunstobjecten, speelvoorzieningen en vlaggenmasten, mits:

  • a. deze qua aard en omvang in de omgeving passen met een maximum oppervlakte van 10 m² per object;
  • b. de bouwhoogte van kunstwerken, kunstobjecten en vlaggenmasten maximaal 8,00 meter bedraagt;
  • c. de bouwhoogte van speelvoorzieningen maximaal 4,00 meter bedraagt.
3.4.2 Afwijking bouwhoogte erfafscheidingen

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.2.3 onder d, ten behoeve van een grotere bouwhoogte voor een erfafscheiding van maximaal 2,00 meter, mits:

  • a. deze qua aard en omvang in de omgeving past;
  • b. belangen van derden niet onevenredig worden geschaad.
3.5 Specifieke gebruiksregels
3.5.1 Specifieke gebruiksregels van de gronden

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van de gronden anders dan voor:

  • a. parkeren;
  • b. groen en/of tuin;
  • c. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding;
  • d. oppervlakteverhardingen;
  • e. opslag, overeenkomstig het normale toegelaten gebruik;
  • f. speelvoorzieningen;
  • g. terras ten behoeve de in 3.5.2 bedoelde ondergeschikte horecafunctie.
3.5.2 Specifieke gebruiksregels van de opstallen

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van de opstallen:

  • a. voor bewoning;
  • b. voor ambachtelijke en industriële doeleinden;
  • c. voor detailhandel en groothandel, anders dan als ondergeschikte activiteit in verband met het toegestane gebruik;
  • d. voor dienstverlening anders dan als ondergeschikte activiteit in verband met het toegestane gebruik;
  • e. voor horeca, anders dan als ondergeschikte activiteit in verband met het toegestane gebruik;
  • f. voor kantoren, anders dan als ondergeschikte activiteit in verband met het toegestane gebruik;
  • g. voor verblijfsrecreatie;
  • h. als verkooppunt voor motorbrandstoffen of andere explosiegevaarlijke stoffen;
  • i. voor opslag, anders dan in verband met het toegestane gebruik, die valt onder de Wet milieubeheer.
3.6 Afwijken van de gebruiksregels
3.6.1 Afwijking voor het uitbreiden van de horecafunctie

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken voor het uitbreiden van de horecafunctie tot zelfstandige horeca , mits voldaan wordt aan de voorwaarden dat:

  • a. geen duurzame ontwrichting van de voorzieningenstructuur van Ommel ontstaat ten aanzien van horeca;
  • b. geen onevenredige nadelige gevolgen voor het woonmilieu ontstaan;
  • c. belangen van derden niet onevenredig worden geschaad.